De geschiedenis van Someren-Heide

Door Wim van den Broek en John Henkes

Het gebied van het huidige Someren-Heide wordt al eeuwen bewoond. Zo bestonden de gehuchten De Pan en de Hutte al tijden lang en ook de Diepenhoek kende al bewoning.

De vraag is echter wanneer ontstond het huidige Someren-Heide? Er zijn mogelijk allerlei argumenten aan te voeren voor een keuze van een gebeurtenis die het begin markeert van een ontstaan. Maar wij kiezen ervoor de geschiedenis van Someren-Heide te laten beginnen met de komst van de eerste pioniers, die in de twintiger jaren van de vorige eeuw een stuk grond kochten van de gemeente Someren en de ontginning van de hei ter hand namen. Mogelijk zullen er mensen zijn die onze keuze arbitrair vinden, het zij zo. Onze geschiedenis begint bij de verkoop van de grond aan de eerste ontginners, o.a. Th. B. (Tidder) van Dillen en Adr. Van den Boogaart op 26 april 1922.

Ontginning van de Somerense Heide

Het Tweede Rapport van de Nederlandse Heidemaatschappij gaf uiteindelijk de doorslag bij de gemeente Someren om de ontginning van de Somerense Heide nu serieus aan te pakken. Via advertenties werd de grond aangeboden, wat tot reacties leidde van boeren uit alle delen van 't land. Uit Someren zelf waren de reacties lauw te noemen en de eerste kopers kwamen dan ook van buiten Someren. Deze pioniers namen de taak op zich de eeuwenoude heidevelden om te zetten in bruikbare landbouwgrond. Een zware taak, waaraan menigeen zich vertilde. Maar velen kromden de rug en slaagden er in om een boerenbedrijfje te beginnen. Vaak waren het hele families die overkwamen en waarvan de zonen ook werden ingezet voor het uitvoeren van het zware werk.

De bouw van een school

Op 24 augustus 1928 werd door deze pioniers een vereniging opgericht die zich ten doel stelde een school te realiseren. De gemeente Someren wilde aanvankelijk niet meewerken, maar door een Koninklijk Besluit werd de gemeente gedwongen om een twee-klassige (nood-)school te bouwen, die in april 1932 startte met 57 leerlingen. Helaas brandde deze houten school in 1939 geheel af. Inmiddels was er aan de Kerkendijk al een permanente bakstenen school gebouwd, die toen meteen werd uitgebreid en in de loop der jaren steeds werd uitgebouwd tot wat die nu is.

Oprichting van de St. Jozefparochie

Nu er een school was, wilden veel inwoners van Someren-Heide ook wel een kerk hebben in het dorp. Dit had aanzienlijk minder voeten in de aarde. Bisschop Diepen verleende in 1935 toestemming tot het oprichten van een parochie, welke St. Jozefparochie werd genoemd. Nog hetzelfde jaar werd pastoor Graat tot bouwpastoor benoemd. Samen met de bewoners van Someren-Heide werd op allerlei manieren geld ingezameld voor de bouw van de kerk. Dat resulteerde in een bedrag dat, aangevuld met een bijdrage van zijn congregatie, voldoende was om een noodkerk te laten bouwen door bouwbedrijf Wijnen. Op 21 december 1936 kon de kerk officieel worden ingezegend en hoefde men niet meer naar Someren of Someren-Eind ter kerke.

Dit feit geeft wel aan dat er in korte tijd een hechte gemeenschap was ontstaan, want het was een hele prestatie om uit eigen middelen een kerk te bouwen in een tijd waarin het hele land zuchtte onder de economische crisis en de meeste boeren nog maar ternauwernood het hoofd boven water konden houden met hun nog nauwelijks ontwikkelde boerenbedrijfjes. Er werden ook giften in natura gedaan, bijvoorbeeld "toezegging om, zolang als mogelijk, jaarlijks te zorgen voor aardappels t.b.v. de huishouding".

De oorlog

Daar kwam in 1940 nog de oorlog overheen. Maar die pakte voor Someren-Heide vreemd genoeg niet zo verkeerd uit. Het oorlogsgeweld in de meidagen en later bij de bevrijding ging grotendeels aan het dorp voorbij. Alleen de plaatsing van een zoeklicht en de bouw van enkele Wehrmachthuisjes zorgden ervoor dat er enige tijd (1940 - 1942 ?) Duitse soldaten aanwezig waren.

De prijzen voor de agrarische producten stegen behoorlijk en door smokkel en de zwarte markt konden veel boeren er aardig bovenop komen en hun vaak drukkende hypotheeklasten verminderen of helemaal aflossen. Daar stond tegenover dat veel onderduikers hier werden opgevangen en met hulp van vooral kapelaan Geboers een veilige schuilplaats konden vinden. Na de oorlog werd het dagelijkse leven weer opgepakt en kon het gemeenschapsgevoel zich verder gaan ontwikkelen. Dit werd vooral versterkt door de oprichting van een aantal verenigingen zoals de Boerenbond, Fanfare St. Jozef, de Boerinnenbond, de toneelclub en de rijvereniging. Ook verharding van de doorgaande wegen en de aanleg van elektriciteit en waterleiding (rond 1950) droegen daaraan bij.

Een sterk samenhangende gemeenschap

In de loop der jaren is het aantal verenigingen sterk uitgebreid met o.a. een voetbalvereniging, korfbalvereniging en een tennisvereniging. Ook allerlei gymclubs en een volleybalclub zagen het daglicht evenals zangkoor Corde et Animo, een schietvereniging en de KBO. Een belangrijke rol in het gemeenschapsleven speelt de in 1962 opgerichte carnavalsvereniging "de Keijepaol" en het uit het Genoveva Gilde voortgekomen Jong Nederland. Een dorp met zo'n intensief verenigingsleven, moet wel een sterk samenhangende gemeenschap zijn.

Nog zo'n voorbeeld hiervan is de realisering van een gemeenschapshuis, dat door de inwoners zelf in 1948 gebouwd werd. Sterker nog, de stenen werden zelf gebakken, het hout uit de bossen gehaald en voor het dak werd gebruik gemaakt van eigen stro. Toch was de degelijkheid dusdanig dat het clubhuis, zoals het genoemd werd, maar liefst 34 jaar dienst deed. In 1982 pas werd een nieuw gemeenschapshuis gebouwd, verbonden met de in 1976 gerealiseerde gymzaal. Samen kreeg het de huidige naam "de Bunt". Latere verbouwingen in 2007 en 2013 maakten het geheel tot wat het nu is: een multifunctioneel gebouw om trots op te zijn.

Uitbreiding van het dorp Someren-Heide

De groei van Someren-Heide verliep na de oorlog schoksgewijs en was vooral afhankelijk van bouwplannen die de gemeente ontwikkelde, soms in samenwerking met een woningbouwvereniging. Zo werd in de jaren zeventig aan de oostkant van de kern een serie huizen gebouwd op de plaats van het voormalige voetbalveld en omgeving. De jaren daarna werd er maar mondjesmaat gebouwd door de landelijke politiek, die de woningbouw in de dorpen streng reguleerde. Dit bedreigde de leefbaarheid van Someren-Heide, want als de jongeren allemaal moesten wegtrekken, kwamen de verenigingen leden en kader te kort en werd het voortbestaan van de school onzeker. Gelukkig werd de strenge saldering losgelaten en kon er in de jaren 90 weer volop gebouwd worden in plan de Meent en later in Someren-Heide Zuid, dat ook al weer aardig vol raakt.

Someren-Heide in volle bloei

Someren-Heide anno nu is een open gemeenschap, waar het goed toeven is. Mede door financiële ondersteuning van de stichting Agrarische Dagen Someren kent het dorp nog steeds een bruisend verenigingsleven en met de komst van de SHop, geheel gerund door vrijwilligers, is het voorzieningenniveau aardig op orde.

De dorpsraad, hier Dorpsoverleg geheten, werkt eraan om in samenspraak met de gemeente dit niveau te handhaven en zo mogelijk uit te breiden. De leefbaarheid in Someren-Heide staat op deze manier in volle bloei!